Logo Huisonderwijs Amsterdam

Geschiedenis

In 1900 werd de Wet op de Leerplicht onder Minister van Binnenlandse Zaken H. Goeman Borgesius aangenomen. In 1901 werd deze wet van kracht. Echter de Leerplicht was gekoppeld aan schoolbezoek. Voor ‘achterlijke’ kinderen en (langdurig) zieke kinderen was het onmogelijk aan deze plicht te voldoen. Vrijwilligers gaven in Amsterdam al vanaf 1860 lessen aan deze kinderen, maar deze vorm van onderwijs werd hier nog niet tot Lager Onderwijs gerekend.
Vanuit de zorg om erkend onderwijs voor deze kinderen richtte het Amsterdamse afdelingsbestuur van de Vereniging ‘Volksonderwijs’ in 1903 een aparte commissie op die voor dit onderwijs moest zorgdragen. De bepaling van de doelgroep wisselde in de begintijd. Aanvankelijk werd er alleen gezorgd voor onderwijs aan kinderen die geen Lagere School konden bezoeken. Later werd dit uitgebreid naar les-mogelijkheden thuis en in het ziekenhuis voor kinderen die wegens ziekte tijdelijk niet naar school konden. Met de uitbreiding van de Leerplicht naar 16 jaar verschoof ook de populatie van leerlingen voor wie deze vorm van onderwijs werd ingeroepen. Tot 1977 droeg de Gemeente Amsterdam ruimhartig bij aan de financiering van het basis- en voortgezet onderwijs aan kinderen in ziekenhuizen en thuis.

In 1977 werden vanuit de landelijke politiek ziekenhuisscholen opgericht. In Amsterdam was dat de A.D. Holtermanschool, genoemd naar de initiator van de Amsterdamse Commissie Onderwijs aan Zieke Kinderen. Dhr. J.M. Courlander werd het schoolhoofd. Het huisonderwijs had vanaf die tijd geen wettelijke basis meer.
In Amsterdam verzette daarom de toenmalige voorzitster van de Stichting, Mevr. H.E. Sudfeldt, zich met succes tegen de opheffing van het huisonderwijs. Mevr. J.M. Cieremans-van Muylwijk, die voordien zes jaar les gegeven had in het Burgerziekenhuis, werd de nieuwe administratrice van de Stichting die zich vanaf dat moment weer strikt beperkte tot het huisonderwijs. Zij deed dit werk tot haar pensionering in 1997.
Vanaf 1997 tot heden wordt haar coördinerend werk voortgezet door Mevr. Drs. J.W. Taams. Diverse bevoegde docenten verzorgen op vrijwillige basis de lessen thuis.
Ondanks de landelijke veranderingen is de Stichting als zodanig sinds 1977 niet gewijzigd. Sinds de wetswijziging van 1999 bestaat er een samenwerkingsverband met de Onderwijsondersteuning Zieke Leerlingen van het ABC en de Educatieve Voorziening Amsterdam. Vanaf 1 augustus 2014, met de invoering van de Wet Passend Onderwijs, heet dit samenwerkingsverband Expertisecentrum Ziek en Onderwijs Amsterdam. Vanaf deze datum wordt ook structureel overleg gevoerd met de directeuren en medewerkers van de scholen voor speciaal onderwijs voor zieke leerlingen van Stichting Orion en met voormalig ambulant begeleiders Rec 3, aangevuld met een vertegenwoordiger van Jeugdgezondheidszorg van de GGD. Dit overleg zal naar behoefte incidenteel aangevuld worden met een vertegenwoordiger van Bureau Leerplicht Plus. Dit uitgebreide overleg heet Expertisegroep Ziek en Onderwijs Amsterdam. Het is de bedoeling middels dit overleg de specifieke behoeftes van zieke leerlingen binnen de Wet Passend Onderwijs in de gaten te houden, good practice onder de aandacht te brengen en eventuele knelpunten te signaleren. Afstemming met de Samenwerkingsverbanden van Amsterdam zal een belangrijke rol spelen om te voorkomen dat zieke leerlingen een vergeten groep worden na de invoering van de nieuwe wet.